Les 2: Je kind is…. en je kind doet….

Kijk mij1afm1Ons taalgebruik is er vaak op gericht om datgene wat we doen te verwarren met datgene wat we zijn. Hierdoor praten we al snel onbewust en vaak ongewild over het karakter van ons kind in plaats van over gedrag wat we kunnen zien.
En, helaas is dat meestal niet positief…… voor je het weet draagt je kind levenslang een etiket mee………..
.
.
Ken je deze kinderen?

*   Die is koppig/dwars….
*   Dat is een flinke doorzetter….
*   Dat is een moeilijk/makkelijk kind…..
*   Die is voor geen gat te vangen…..
*   Die is zo verlegen/sloom….
*   Die is zo dom/dik/lelijk…..

Het vervelende van etiketjes en vaste rollen in een gezin is dat ze zichzelf na verloop van tijd gaan waarmaken: De bemiddelaar, typisch de oudste of jongste, de ondeugd, de jongen, het meisje, de zondebok, de dombo, de flinke helpster, enz…..
Ooit had ik een oudere collega, die regelmatig wat kwijt was of liet vallen. Ze beweerde altijd dat ze nu eenmaal vreselijk onhandig was en dat dit altijd zo was geweest. Dat ze daarnaast één van de meest accurate en betrouwbare collega’s was kwam eigenlijk nooit aan bod, want zij was toch die onhandige??? En zo kun je zelfs tot je 80e geloven dat je iets bent wat ooit iemand heeft bedacht en wat je zelf gaat geloven, ondanks signalen van het tegendeel.

Hoe voorkom je dat je je kind levenslang opzadelt met een etiket?

*   Let op dat je zoveel mogelijk praat over het gedrag wat je ziet bij je kind:
Dus, dat doe je goed of hoe kun je dat anders doen?
*   Benoem ook gevoelens en emoties zoveel mogelijk in beschrijvende vorm in plaats van in de zijnsvorm.
Dus: Je voelt je verdrietig en wat doe jij boos over dit spelletje.
*   Geef je kind de kans zich op een andere manier waar te maken. Dus: als je kind zich regelmatig wat
onhandig gedraagt, laat het dan opdrachtjes uitvoeren die veel succes en complimenten opleveren.
*   Let bij jezelf op gedachten en uitspraken die het etiket of de rol bevestigen en stop er dan direct mee, ter
voorkoming van self-fulfilling prophecy.
*   Wees je bewust van hoe je je kind ziet en spreek positieve verwachtingen uit.
*   Wees een voorbeeld want van jou moeten kinderen leren hoe je met een ander omgaat.
*   Let op hoe je je kind aanspreekt: Geloof je dat ze iets kunnen en moedig je aan of vind je het nog wel
lastig je kind los te laten en te vertrouwen.
En gaat het zo nu en dan mis: That’ s life, maak er een grapje over en volgende keer beter!!

Lees ook: Tip 1: Je kind is uniek
Lees ook: Tip 3: Goedbedoeld gedrag van kinderen
Lees ook: Tip 3A: Wangedrag van kinderen?
Lees ook:  Tip 4:Roze wolk of achter het behang
Lees ook: Tip 5: Complimenten voor je kind
Lees ook: Tip 6: Leer wat je nu nog niet kunt
Lees ook: Tip 7: Wees 100% betrouwbaar voor je kind
Lees ook: Tip 8: Negeer negatief gedrag en waardeer positief gedrag
Lees ook: Tip 9: Stop met vergelijken
Lees ook: Tip 10: Zorg voor structuur

Wil je een aantal keer per jaar artikelen ontvangen? Vraag de nieuwsbrief aan van de praktijk voor kindercoaching en de opleiding tot kindercoach.
De illustratie is van Aly Westerhuis

Dit bericht is geplaatst in Lessen voor ouders met de tags , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Les 2: Je kind is…. en je kind doet….

  1. Erna Janssen schreef:

    Hoop dat scholen hier ook weer wat van opsteken. Zelf jaren lang gevochten tegen de school om mijn kind te zien zoals hij echt is. En niet in bijna ieder gesprek door laten schemeren dat hij weet ik veel welke stoornis nr zoveel zou hebben.

    En ik denk niet dat je met het plakken label weet hoe je ieder kind persoonlijk moet benaderend. Ieder kind is uniek dus de benadering en aanpak is ook uniek.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *