Gaat jouw kind over?

Het is weer aftellen.
Nog een aantal weken en dan is het alweer zomer en gaat je kind over, hij gaat afstromen of hij blijft zitten.
Nu is het moment om een pas op de plaats te maken en te ontdekken hoe je kind ervoor staat.
Mijn ervaring is dat over een aantal weken de paniek toeslaat omdat dat dan echt duidelijk wordt of een leerling in de gevarenzone verkeert.

De verschillende soorten leerlingen

De ene puber zit te blokken omdat hij er hard aan moet trekken en de andere puber denkt dat het zijn tijd wel zal duren en wacht af wat er komen gaat.
De puber die zijn zaakjes goed op orde heeft, hoor je niet en daarover zijn geen zorgen.

Het zijn juist de puber die zorgeloos beweert dat het echt wel goed komt en de puber die tegen zijn grenzen aan zit te blokken. Deze twee soorten leerlingen komen de komende weken bovendrijven en dan moet er iets gebeuren.

De calculerende puber

Veel pubers houden hun cijfers bij, al dan niet nauwkeurig. En als een puber het niet doet, zie je dat veel ouders wel de scores bijhouden.

De puber die zit te blokken en tegen de grenzen van zijn kunnen aanloopt, zie je vaak angstig zijn cijfers bijhouden en hij verwacht dat het fout zal gaan.

De zorgeloze puber heeft het talent om vooral naar zich toe te rekenen en loopt het gevaar iets over het hoofd te hebben gezien.

Pubers die hun cijfers al dan niet goed bijhouden, moet je vaak nog wel een beetje in de gaten houden want zelden zijn hun calculaties accuraat en vaak omgeven met angst of teveel optimisme.
Het is dus zaak om vooral in deze tijd van het jaar eens samen goed te beoordelen wat er werkelijk nodig is om over te gaan. Want het idee van de puber hoeft niet hetzelfde te zijn als de overgangsnormen.

En dan gaat de alarmbel

Over enkele weken merken we een piek in aanmeldingen van leerlingen die dreigen te blijven zitten of moeten afstromen. Ze hebben toch een calculatiefoutje gemaakt en moeten nu alle zeilen bijzetten.
En vaak is het zo dat ze zelf nog geen zorgen hebben, maar hun ouders en leraren des te meer. Die zitten met het zweet op hun rug de puber te overtuigen dat er iets moet gebeuren.

Helaas vaak zonder resultaat.
De kunst is nu om de puber in actie te krijgen.

Praktijkvoorbeeld

De neiging die we hebben is een puber te overtuigen van het feit dat hij iets moet doen. Helaas is dit meestal tegen dovemansoren gericht.

Ik begin altijd bij het einde…

Coach: ‘Vertel eens, ga je volgend jaar allemaal nieuwe vrienden maken?’

Puber: ‘Huh, hoezo?’

Coach: ‘Uit wat ik begrijp uit je vraag, is dat je volgend jaar een prachtige kans hebt in te stromen in een nieuwe klas en daar op je gemak alle lesstof nog eens mag doen en daardoor alle tijd hebt om nieuwe vrienden te maken terwijl je oude vrienden zitten te blokken op de nieuwe lesstof.’

Puber: ‘ja, ik ga echt wel over hoor, eitje’.

Coach: ‘oké, geweldig, wat moet je dan vanaf nu nog doen om over te gaan?’

Stilte……

Puber met onzekere blik: ‘ehhh… werken?????’

Coach: ‘Lijkt me een zeer goed plan’.

Stilte…..

Puber met vertwijfelende blik: ‘Maar ik weet niet hoe ik dat moet doen’.

Coach: ‘Ahhh, dat gaan we dan nu onderzoeken als jij zegt dat je dit jaar echt over wilt gaan en ervoor wilt werken.

Het wat en het hoe

Naast mijn ervaring van de paniek in de laatste weken van het schooljaar, is het ook mijn ervaring dat de leerlingen echt wel willen werken.
Ik geloof niet zo in het niet gemotiveerd zijn van pubers.
Wel geloof ik erin dat leerlingen niet goed weten wat ze moeten doen en vooral dat ze niet weten hoe ze het moeten doen. En daar kunnen we belangrijke hulp bieden.

Wanneer we duidelijk hebben dat de leerling echt wil werken om over te gaan, zetten we het hoe en wat op een rij.
Dit doen we door alle onderwerpen die een voorwaarde zijn van goed kunnen leren te onderzoeken:

  • Waar gaat het fout
  • Waar gaat het goed
  • Hoe pak je het aan bij de vakken waar je goed op scoort en hoe lukt het je hier een voldoende op de krijgen?
  • Hoe zit het me je concentratie bij de vakken die niet goed gaan?
  • Hoe zit het met je (faal) angst gedachten en voorspellende gedachten bij de vakken die goed gaan en die minder goed gaan?
  • Op welke manier leer je het best?
  • Wat is je strategie om het leren aan te pakken?
  • Hoe en waar maak je huiswerk en past dit wel bij jou?
  • Hoe controleer je jezelf en doe je dit op de juiste manier?
  • Hoe is je planning opgebouwd, hoe ga je om met tijd en met doorzetten?

Deze en nog veel meer vragen komen aan bod en in feite zijn de eerste 2 vragen de leidraad.

De essentie

Waar gaat het goed levert informatie over een goede manier van leren, een goede aanpak, positieve gerichtheid en uiteindelijk een goed resultaat.

Waar het niet goed gaat, is het vaak het tegenovergestelde en kun je voor een groot deel negeren.

Het is de kunst samen zo snel mogelijk te ontdekken wat er moet gebeuren en hoeveel inspanning dit mag kosten

Een nieuw plan

Met de informatie die we nu blootgelegd hebben, kunnen we een plan maken voor de weken die komen gaan.
Wat echter het meest belangrijke is, is dat de leerling zijn doel helder heeft, namelijk dat hij mee wil naar het volgende leerjaar en afstand doet van zijn slachtofferschap:

Puber: “Die docent kan echt niet goed lesgeven hoor! Daarom heb ik steeds onvoldoendes

Coach: “Ahhh dat is niet fijn… ennn… ik garandeer je dat die docent langer op school blijft dan jij. Wat kun jij doen om ervoor te zorgen dat jij een goed cijfer haalt?”

Puber: “Ja maar, hij kan echt niet lesgeven hoor want iedereen heeft er last van.”

Coach: “Oefff dat is heel erg…… en ook heel vervelend voor jou….. ennnn…. weet je zeker dat er niemand is die jou kan helpen waar deze docent het niet kan? Jij hebt een belang en hij niet……. “

Puber: “nou jaaaa……even denken……misschien kan X me helpen? ”

Wanneer we deze en allerlei andere voetangels hebben getackeld, zie je dat er weer lichtjes komen in de ogen en dat er hernieuwde energie komt.

Overigens is het voor de optimisten wel zaak om ook hun calculatie goed onder de loep te nemen en erin op te nemen dat je je kan misrekenen en dat dan het hele plan instort.

Echt, het werkt

Inmiddels heb ik genoeg mails en berichtjes ontvangen van pubers die het gered hebben in de laatste weken.

Sommige pubers zal dit ieder jaar overkomen en dan weet je dat dit ook later in hun relaties en in hun werk een patroon is. Die kun je dus rustig hun gang laten gaan en zo nu en dan even op de plaats rust zetten.

En de meeste andere pubers en leerlingen hebben een belangrijke les geleerd, namelijk dat niets vanzelf gaat en dat inspanning loont en dat je kunt onderzoeken hoe het voor jou goed kan werken.

En wil je weten hoe ik dit heb ontdekt en hoe dit ook inmiddels vele honderden kinderen, pubers en jongeren heeft geholpen?
Kijk dan eens bij Ik leer leren .

Houd je net als ik van pubers en geniet je van het werken met hen?
Kijk dan eens bij de online Praktische Pubercoach Opleiding, boordevol handvatten om pubers verder te helpen.


Spreekt deze blog je aan? Ik vind het een compliment als je deze deelt. Wanneer je deze tekst of gedeeltes daarvan wilt gebruiken, vraag dan even toestemming.

Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Meer artikelen

Lees ook: Kun je pubers loslaten?
Lees ook: Puberteit: Drama of genieten?
Lees ook: Je wilt toch geen slijmbal zijn?
Lees ook: Wie flexibel is, krijgt meer
Bekijk ook: Is overhoren nuttig?
Bekijk ook: Hoe krijgt een puber zijn leven op orde?
Bekijk ook: Executieve functies: Plannen en organiseren

Geplaatst in Leerproblemen, leerstijlen, Pubers, Uit de praktijk | Een reactie plaatsen

Wil je weten hoe een training Ik leer leren verloopt?

In 2012 ontwikkelde ik de training “Ik leer leren”, voor kinderen en jongeren vanaf groep 8 die vastlopen in hun schooltaken of slimmer willen leren.

Het programma is geschikt voor kinderen in de bovenbouw van de basisschool, hoogbegaafde kinderen, brugklassers, tweedeklassers op HAVO/VWO, maar ook voor jongeren in het MBO en HBO.

Inmiddels geven coaches en leerkrachten door heel Nederland en België deze training en zijn er al duizenden kinderen mee geholpen – iets waar ik heel blij van word.

Al vanaf het begin is de Ik leer leren training erg succesvol.

Hieronder lees je een verslag van een trainer van het eerste uur.
Mariette Suiker_Dietz.

Over de training

De training ‘Ik leer leren’ is zo breed en open van inhoud, dat hij op allerlei manieren ingezet kan worden: individueel of in groepjes, voor basisschool maar ook voortgezet onderwijs en hoger. kan individueel gevolgd worden, maar ook in groepjes. Als training geniet ik van deze diversiteit: elke les verloopt weer anders, en ik kan bij iedereen inzetten wat op dat moment nodig is.

  • Individueel kan ik 100% inzoomen op de situatie van het kind, terwijl in een groepje de kinderen elkaar juist prikkelen en motiveren: ze vinden herkenning en erkenning bij elkaar.
  • Kinderen op de basisschool zuigen deze lessen nieuwsgierig in zich op, terwijl oudere kinderen echt aan de slag gaan met dat waar ze dagelijks tegenaan lopen: of dat nou hun motivatie is, of het plannen, het omgaan met afleiding van je telefoon, of de paniek bij het maken van je toets.

Onlangs had ik een groep meisjes van groep 7 en 8, waar de groepsdynamiek super werkte. In dit verslag lees je mee over hun reis, aan de hand van de thema’s van de 5 lessen:

Les 1: Wat is leren?

Tijdens de eerste les worden de kinderen aan het denken gezet over hun manier van leren. We praten over vragen als: hoe leer ik eigenlijk? wat helpt me om beter te kunnen leren? waarom leer ik?

We doen ook een uitgebreide test om te achterhalen welke leerstijl het beste werkt bij het kind.

Bij het bespreken van de stellingen in het werkboek vroeg een van de meisjes opeens: “Mag ik wat aan haar vragen? Waarom heb jij eigenlijk aangekruist dat je hoge cijfers wilt halen? Het gaat er toch vooral om dat je je best hebt gedaan?”.

Geweldig als dit gebeurt in een groep: niets is goed of fout bij wat je hebt aangekruist, maar het gesprek erover zorgt ervoor dat we even rammelen aan het ‘wereldbeeld’ van de kinderen: oh ja, zo kan ik er óók naar kijken.

Les 2: positieve gedachten bij faalangst en motivatie

Wat voor impact hebben je gedachten op hoe je de dingen doet en ervaart?
We spelen deze les met ‘rode’ en ‘groene’ gedachten: groene gedachten zorgen dat je je prettiger voelt waardoor alles ook beter gaat.

De meisjes verzonnen groene gedachten om door te zetten als het moeilijk is of als ze geen zin hebben om te leren. En ze gingen er helemaal in op!

Na afloop mailde een moeder me: “Ze kwam zo enthousiast thuis, want ze had met de tegenwind op de fiets heel erg geoefend met groene gedachten, en het leek net of ze daardoor sneller thuis was!”.

Les 3: Over plannen en organiseren

Deze les over plannen en organiseren begon stormachtig: buiten waaide het hard het en een paar meiden waren té hyper om bij de les te blijven. En dit is natuurlijk iets dat ook regelmatig op school gebeurt.

Ik besloot om alvast een uitstapje naar het thema van les 4 te maken: concentreren: want hoe doe je dat in de klas als je je zo voelt? We deden wat oefeningen die je hoofd leegmaken en helpen om te focussen.

Je plan aanpassen omdat de omstandigheden daarom vragen, dat is flexibiliteit: een van de executieve functies die we in les 3 bespreken.
Deze heb je nodig om je werk goed te plannen en te organiseren. Bijvoorbeeld: doorzetten als het moeilijk is, emoties reguleren, time-management, zelfstandig aan je taak beginnen, prioriteren en concentreren.
We bespreken hoe ze op elk van de functies ‘scoren’, en we onderzoeken hoe ze kunnen oefenen met de dingen die nog niet zo goed gaan.

Achteraf vertel ik ouders ook altijd hoe ze hun kind daarbij kunnen helpen: laat ze zelf dingen in huis doen, problemen oplossen, tassen inpakken, plannen maken en uitwerken.

En natuurlijk gaat het in deze 3e les over hoe ze nu het beste kunnen plannen: hoe zorg je dat je alles onthoudt en op tijd inplant – én uitvoert? Waar en wanneer kun jij het beste je huiswerk doen? Hoe leer je van eerdere toetsen die een beetje tegenvielen, zodat je het de volgende keer anders aanpakt?

Les 4: Concentreren

Hier keken de meiden al wekenlang naar uit, want oef… wat is het soms lastig om bij de les te blijven. En ook hier gaat het om mindset: zie je jezelf als iemand die zich écht niet kan concentreren? Of ga je onderzoeken waar het bij jou aan ligt, dat concentreren soms even niet lukt? En hoe kun je zorgen dat het dan tóch lukt?

Dat is wat we in deze les altijd doen: zoek jouw zwakke plek en pak deze aan.

Omdat er veel ‘volle hoofden’ in het groepje zaten, vroeg ik of ze zin hadden in een ontspanningsoefening.
Ze mochten zitten of liggen, en gingen meteen alle drie op de vloer liggen. Zachtjes las ik een verhaaltje voor, terwijl ze zichtbaar steeds dieper wegzakken.

De reacties achteraf spreken voor zich:

  • “Het is net of ik een paar jaar geslapen heb!”
  • “Ik zag mezelf echt die berg beklimmen en die grot in gaan”
  • “Ik voel me zo blij, net of ik wakker ben geworden en besef dat ik vandaag jarig ben”

Aan het einde van de les, bij het noteren van de goede voornemens voor de komende week, werd de beer uit het verhaal weer als hulpbron genoemd om te helpen met concentreren.
Bovendien deden we aan het einde nóg een visualisatie, zodat ze helemaal rustig en ‘leeg’ naar huis gingen.

Les 5: Je geheugen goed gebruiken

De kinderen stormden naar binnen met popcorn en chocola: deze laatste les zou een feestje gaan worden!
Les 5 is erg leuk en afwisselend: we doen testjes met de kinderen, of ze het beste 10 woorden onthouden als ze die horen, of als ze er plaatjes bij zien, of als ze de woorden opschrijven.

Er ontstaat vaak een sfeer van competitie, ze wíllen graag scoren!
En uiteindelijk gaat het me niet zozeer om die uitslagen, maar meer om het praten over: “hoe deed jij dat nou, die woordjes onthouden?”.
De een maakt er plaatjes bij, de ander maakt er een doorlopend verhaal van, en weer een ander herhaalt de woorden alsmaar van binnen.
Deze les is vaak een enorme opsteker voor kinderen: “Kijk eens, ik kán dit gewoon, een onzinnige serie woorden in mijn hoofd krijgen”.

Bij het afscheid vroeg ik aan de meiden wat nu het állerbelangrijkste was, dat ze hadden geleerd deze training:

  • “Positief denken en doorzetten, dat gebruik ik nu de héle dag!”
  • “Hoe ik dingen het beste kan onthouden”
  • “Dat ik nu weet hoe ik me beter kan concentreren”

En daar gingen ze dan na deze gezellige les, de wijde wereld in… het geleerde in de praktijk brengen.
Maar niet voordat ze nog even hun telefoonnummers hadden uitgewisseld: zo houden ze met elkaar de herinnering aan onze reis in ere! Ik laat ze los, en kijk alweer uit naar mijn volgende groep…

Wie is Mariette:

Mariette Suiker-Dietz, kindercoach en opvoedcoach in Hoofddorp, heeft de afgelopen jaren al vele kinderen geholpen met de training ‘Ik leer leren’.
In haar praktijk werkt ze met kinderen van 6-18 jaar, zowel rondom schoolse zaken als het leren leren, motivatie en begrijpend lezen, als met hulpvragen rondom spanning, verdriet, faalangst, boosheid, zelfvertrouwen en weerbaarheid.
Op haar website lees je regelmatig nieuwe interessante blogs over deze thema’s: www.dietzcoaching.nl


Wil je ook net als Mariette kinderen en jongeren helpen bij het leren?
Lees hier alles over het trainer Ik leer leren worden.
Zoek je als ouder een trainer voor je kind, puber of jongere?
Enthousiaste en kundige trainers in Nederland en België vind je hier.

Meer artikelen:

Lees ook: Jong geleerd is oud gedaan: De executieve functies
Lees ook: Geloof jij ook in de onzin van leerstijlen?
Lees ook: Een paar examentips
Lees ook: Wat gebeurt er bij examenstress en hoe los je het op?
Bekijk ook: Executieve functie: Plannen en organiseren
Bekijk ook: Het kind wat niet kan starten
Bekijk ook: Beelddenken: leren als een vlinder

Geplaatst in Gastschrijvers, Ik leer leren trainers | Een reactie plaatsen

Wat is gewetenvorming?

Oneerlijkheid, onrecht, je niet aan afspraken houden, iets pikken wat niet van jou is.

Maar ook: vriendelijk en meelevend zijn, iets voor een ander over hebben die het moeilijk heeft, je kunnen voorstellen dat een opmerking die je hebt gemaakt kwetsend kan zijn voor de ander.

En ook; Liefdevol en aardig reageren als iemand iets vervelends overkomt, je spijt betuigen waar het fout ging, je enthousiaste reactie inhouden wanneer je merkt dat iemand anders verdrietig is.

Al het bovenstaande heeft te maken met je geweten.
Je leert al jong wat goed en fout is, maar de gehele gewetenvorming neemt een aantal jaar in beslag.

Wil je weten hoe het geweten zich vormt?

Bekijk dan onderstaand filmpje en ontdek hoe dit werkt.


Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Geplaatst in filmpjes, Ontwikkeling van kinderen, Opvoeden in deze tijd | Een reactie plaatsen

Is jouw kind gemakkelijk of moeilijk in het gebruik?

Hoe vaak hoor je het ouders of leraren zeggen: “Daar wil ik er wel tien van hebben”

Het gaat dan zonder uitzondering om kinderen die gemakkelijk in de omgang zijn. Deze kinderen zijn gewillig, gehoorzaam, flexibel en vriendelijk bovendien. Meestal ook kunnen ze op een helpende manier met hun boosheid en negatieve emoties omgaan en zijn ze hulpvaardig naar anderen.

Daar kan iedere opvoeder er inderdaad wel tien van hebben.

Wat bedoelen we met een gemakkelijk kind?

Een kind wat we als meer gemakkelijk ervaren is vaak open in het contact en misschien net wat meer extravert. Dit kind heeft voldoende taal tot zijn beschikking en weet zich te uiten. Verder toont het vertrouwen in zichzelf en in de ander en heeft het een gezonde ambitie door zorgvuldig te zijn, zaken te willen leren en nieuwsgierigheid.
Het kind is verder bereid tot het helpen van anderen en daarmee niet alleen op zichzelf gericht.

Mede door dit soort eigenschappen wordt het kind als emotioneel stabiel ervaren waardoor we dit kind begrijpen.
En een kind wat gemakkelijk in de omgang is, krijgt ook weer gemakkelijkheid terug in de interactie.
Zo zijn kenmerken die de persoonlijkheid meer het label gemakkelijk geven ook de versterkende kenmerken en ontstaat er een positieve vicieuze cirkel in de omgang met elkaar.

Wat bedoelen we met een moeilijk kind?

Het kind waar we wat meer moeite mee hebben, begrijpen we vaak minder goed.

Het kan zo zijn dat dit kind wat meer introvert is en over minder taal beschikt om zich te uiten. We weten daardoor niet wat er in dit kind omgaat en dat maakt het al een stuk lastiger. Wanneer dit kind minder behoefte heeft aan anderen, kan het ook zijn dat er minder gerichtheid is op het helpen van anderen.

Verder kan dit kind ons benaderen met meer reserve, minder openheid en lijkt het alsof er meer wantrouwen is vanuit het kind. Het kind kan sneller in de verdediging schieten wanneer iets niet gaat zoals gedacht of verwacht.

Als het kind wat meer rigide is in het gedrag, kan het ook zijn dat de natuurlijke drive om te leren en nieuwsgierigheid minder opvallen.

Al met al ervaren we dit kind als minder emotioneel stabiel en kunnen onverwachte emotionele reacties voor veel onderling onbegrip zorgen wat voor een negatieve vicieuze cirkel zorgt.

Wat je geeft, krijg je terug

Zoals al genoemd ontstaat er in de interactie met elkaar al snel een patroon. Een vicieuze cirkel die meer positief of meer negatief kan zijn. En gedrag is al snel een gewoonte.

Wie kent het niet: Je verwacht bijna automatisch een bepaalde reactie van je kinderen, je partner, je broers en zussen en je buren.

En wat je verwacht, heeft ook de neiging uit te komen. Al zou het alleen maar zijn omdat je eigen houding het verwachte zou kunnen doen uitlokken. Of dat een andere reactie misschien niet eens opvalt omdat je iets anders verwacht.

Van kinderen kunnen én mogen we nog niet verwachten dat ze uitgebalanceerde reacties geven op uitdagingen. Immers, voor ons als volwassenen is dit zelfs vaak al heel moeilijk in spannende omstandigheden.

Hoe kan moeilijk gedrag ontstaan?

Kinderen die al heel jong negatieve reacties hebben ontvangen op hun oorspronkelijke goede bedoelingen, hebben geleerd dat wat zij geven niet veel zin heeft.
Het zou zo maar kunnen zijn dat ze het vertrouwen in de volwassenen en in een goede afloop al lang zijn vergeten en dit hebben opgegeven.

En als je de indruk hebt dat men je toch een moeilijk kind vindt, dan doet het er ook niet zo meer toe.

Ik ken ook veel kinderen die al (jong) geleerd hebben dat positieve aandacht niet voor hen is weggelegd. Dit wil overigens niet zeggen dat ze geen positieve aandacht krijgen of gekregen hebben. Ze hebben er alleen geen antenne (meer) voor.
Dit zijn de kinderen waarvan we zeggen dat ze zelfs na een positieve dag de boel nog weten te verstieren.
Deze kinderen hebben mogelijk de innerlijke overtuiging dat ze alleen gezien en gehoord worden als ze negatieve aandacht krijgen. Wanneer ze zich positief gedragen, valt dit niemand op en worden ze genegeerd. En dan is hun enige uitweg om hun imago waar te maken van moeilijk kind. Die ook nog vaak als een soort van zwart schaap wordt gezien.

Wat kunnen we doen voor een moeilijk kind

In feite is het heel simpel:

Een moeilijk kind is een kind wat het moeilijk heeft!

Wanneer we dus ervan uitgaan dat een moeilijk kind ons dus eigenlijk heel hard nodig heeft, kunnen we ons eigen houding en gedrag daar op aanpassen.

Immers, als je weet dat je kind het moeilijk heeft, wil jij dan een ouder, een leraar of een begeleider zijn die het kind eigenlijk in de steek laat door ook bozig en moeilijk terug te reageren?

Of wil je een ouder, leraar of begeleider zijn die moeite wil doen om dit kind te begrijpen en hem te loodsen naar volwassenheid.

Wil je de loods zijn die dit kind DOOR moeilijke situaties heen helpt, de wereld begrijpelijk maakt door zaken uit te leggen, te troosten als je eigenlijk boos wilt doen, nog opnieuw je geduld bewaren om werkelijk te zien, te horen en te begrijpen wat zo lastig is voor dit kind?

Wat vraagt een moeilijk kind van ons?

En ja, dat vraagt veel.
Allereerst om werkelijk te observeren wie dit kind is en wat het door zijn moeilijke gedrag probeert duidelijk te maken.
Het vraagt om ons te verdiepen in de behoeften van dit kind die er zo ongelukkig uitkomen in gedrag.
Het vraagt veel begrip om te kunnen ‘hervertalen’ wat dit kind zelf (nog) niet duidelijk kan maken op een helpende manier.
Het vraagt eindeloze liefde om steeds opnieuw in contact te gaan en te vragen wat het kind wil bereiken.
En dan …. als je denkt dat je er bent, vraagt het opnieuw alles omdat het kind weer is afgedwaald van de goede weg.
En dit kind dwaalt niet af om ons te pesten, maar omdat het zelf de weg weer kwijt is en ons zo verschrikkelijk hard nodig heeft om op het goede spoor te blijven.

Dus wat is gemakkelijk en wat is moeilijk?

  • Heb je een kind voor je wat je gemakkelijk kunt begrijpen en wat zich in de omgang soepel beweegt, geniet ervan
  • Heb je een kind wat je uitdaagt, waar je wakker van ligt, waar je zo nu en dan wanhopig van wordt, geniet er nog veel meer van
  • Weet: dit is het kind waar je de diepste banden mee aangaat omdat dit kind je zo nodig heeft
  • Geniet van de vele lagen en afgesloten poorten van dit kind tot je via de kiertjes een glimpje mag opvangen
  • Geniet van het vertrouwen wat je krijgt en wat dan zo oneindig kostbaar is

Zodat je na verloop van tijd beseft:

Gemakkelijke kinderen laten je kabbelen door de tijd, maar de moeilijke kinderen laten je merken dat je leeft en maken dat je de diepste diepten van het leven zelf leert kennen.

Geniet van alle kinderen, of ze nu een gemakkelijk temperament hebben of je wat meer uitdagen en dan zij gemakkelijk of moeilijk alleen maar woorden zonder betekenis ……

Wil je leren hoe je moeilijke en boze kinderen kunt helpen? Volg dan de online opleiding: Hoe help je boze kinderen.


Spreekt deze blog je aan? Ik vind het een compliment als je deze deelt. Wanneer je deze tekst of gedeeltes daarvan wilt gebruiken, vraag dan even toestemming.

Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Meer artikelen

Lees ook: De gebruiksaanwijzing van je kind
Lees ook: De puber die je uitdaagt
Lees ook: Begrijp jij je kind? En hoe doe je dat?
Lees ook: Je luistert niet naar me!!!!!
Bekijk ook: Is uitpraten na een ruzie nuttig?
Bekijk ook: Hoe kun je je moeilijke kind helpen?
Bekijk ook: Ruzie tussen ouder en kind

De illustratie is van Aly Westerhuis

Geplaatst in Opvoeden in deze tijd, Stof tot nadenken | 6 Reacties

Liegen peuters en kleuters?

Regelmatig krijg ik in mijn praktijk vragen van ouders over hun peuter of kleuter die liegt.

Dit zijn altijd hele interessante gesprekken omdat achter die vraag natuurlijk heel veel schuilgaat.

Ouders ervaren dat hun peuter of kleuter liegt en willen dit niet omdat ze eerlijkheid belangrijk vinden en hun kind goed willen opvoeden met normen en waarden.

En dan staat zo’n kleintje je keihard in je gezicht voor te liegen.

Hoe zit dat eigenlijk met liegen door jonge kinderen?
Hoe kun je daar naar kijken?
Wat is de oplossing hiervoor?

Bekijk het filmpje voor de antwoorden.


Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Geplaatst in filmpjes, Peuters en kleuters | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Wat is het verschil tussen opvoeden en ouderschap?

De opvoeding van kinderen is de laatste honderd jaar ingrijpend veranderd. Waar het vroeger vooral van belang was dat je kind een beetje netjes opgroeide en goed terecht kwam in het volwassen leven, was vooral het dagelijks leven van belang voor de opvoeding. Iedere dag eten op tafel, normen en waarden meegeven die passen bij ‘de groep’ waarbij je hoorde en een beetje je best doen op school voor de kinderen.

De rol die je had als ouder was duidelijk. Je zorgde voor het kind en op een dag had je je kind afgeleverd aan de maatschappij en was je opvoedtaak klaar.

De letterlijke en figuurlijke voeding die je gaf aan je kinderen was duidelijk en overzichtelijk.

De opvoeding van kinderen is er met de tijd niet gemakkelijker op geworden. Vooral het geluk van kinderen is nu veel meer maatstaf dan in het verleden. Het opvoeden is ook veel individueler geworden waarbij familie, buren, vrienden en school zich veel minder met de opvoeding bemoeien dan in het verleden. Ouders staan er veel meer alleen voor waarbij de opvoeding vooral op hun schouders rust.

Ouderschap en opvoederschap

Opvoeden doe je maar een beperkt aantal jaar. In feite is het opvoeden wel zo’n beetje voorbij als een kind 18 wordt en vanaf de puberteit hebben ouders ook steeds minder invloed in de opvoeding.

Opvoeden gaat over zorgen voor, voeding geven, regels en grenzen stellen, het kind voorbereiden op volwassenheid in alle facetten.

Ouderschap gaat nooit weer over

Ouderschap gaat nooit weer over. Zodra er een kind geboren wordt, ben je ouder en dit zal altijd zo blijven. Wanneer je kind inmiddels ook bejaard is, je wel of geen contact hebt of dat je kind overleden is, ouder blijf je altijd.
Je kunt nooit afscheid nemen van je ouderschap, maar wel van je opvoederschap.

Ouder word je zodra een kind in de baarmoeder groeit. Ouderschap betekent dat je vanaf dat moment verantwoordelijk bent voor het welzijn en opgroeien van het kind. Ouder ben je als persoon en dit is nooit inwisselbaar. Ouderschap is altijd uniek en je zult je ouderlijke opvoedtaken uitvoeren zoals dit past bij je persoonlijkheid.

Iedereen kan een opvoeder zijn

Opvoeder kan iedereen zijn en dit heeft te maken met het uitvoeren van ouderlijke taken. Iedereen die een visie heeft op hoe kinderen zouden moeten zijn en hoe ze zich zouden moeten gedragen, kan gaan opvoeden. Het hangt af van het denken over bepaalde zaken hoe je opvoedt.

Wat als het niet goed gaat met een kind?

Over opvoeding wordt heel verschillend gedacht. Veel mensen vinden iets goed of fout in de opvoeding van kinderen en met name waar kinderen in de knel komen, vinden we dat er iets aan de opvoeding moet gebeuren.

Als we vinden dat het kinderen niet goed gaat, kijken we vaak naar het opvoedgedrag van de ouders.

En daar gaat het vaak mis.

Ouders willen goede ouders zijn

Het gedrag van ouders is een antwoord op de uitdaging die het kind stelt aan de ouders en dit is een wisselwerking op elkaar. Je kunt ouders leren ander gedrag aan te leren, maar dan zul je eerst moeten kijken naar hun visie op ouderschap en samen moeten ontdekken wat de behoeftes zijn van ouder en kind. Waar er problemen zijn, lopen de behoeftes vaak uiteen.

Iedere ouder heeft de behoefte om een goede ouder te zijn en heeft bepaalde denkbeelden hoe hij dat uitvoert.
Een kind heeft behoefte aan veiligheid, erbij horen, autonomie, zich ontwikkelen en nog heel veel meer.

Waar ouders een goede ouder willen zijn en denken dat zij het kind daarvoor vrij moeten laten of juist heel erg strenge grenzen moeten geven, kan dit in conflict zijn met een behoefte aan veiligheid en autonomie bij het kind.

Als je dan alleen kijkt naar het gedrag van ouders en hun handelen, mis je het belangrijkste gegeven, namelijk dat ze hun stinkende best doen en daarin mogelijk net de juiste snaar missen.

En we weten allemaal dat als er ergens iets mis gaat, we vaak een tandje bij zetten en meer van hetzelfde doen waardoor zaken vaak eerder erger worden.
Wanneer je ouderschap en behoeftes als leidraad neemt, is het gemakkelijker gedragsalternatieven te vinden voor problemen

De verschillende rollen van opvoeden

Wanneer je kinderen opvoedt, heb je te maken met verzorgende rollen, onderwijzende rollen, begeleidende rollen, coachende rollen, grenzen stellende rollen, uitdagende rollen, educatieve rollen en nog heel veel meer.

In onze huidige samenleving is er een tendens dat ouders denken dat ze alle rollen moeten vervullen.
Vele ouders zijn iedere dag met een onderwijs gevende rol bezig door hun kinderen bij te spijkeren op het gebied van leren, Andere ouders willen hun kind coachen op het gebied van sport of op het gebied van vriendschappen en sociale rollen.

Het is maar zeer de vraag of het kinderen ten goede komt dat hun ouders alle opvoedrollen op zich nemen. Misschien doen ze hun kind juist een plezier door rollen uit te besteden waardoor hun kind de kans krijgt te ervaren wat andere volwassenen van je vragen en hoe zij met je omgaan.
En dat hoeft niet perse altijd positief te zijn.
Net zoals het, als je volwassen bent, niet altijd positief is hoe collega’s, kennissen, buren en anderen met je omgaan.

Ouder zijn als het je kind niet zo goed gaat

Voor ouders in deze tijd is het vaak erg moeilijk als het hun kind op een bepaald gebied niet goed gaat.
Ouders googlen wat af en vragen zich af wat ze moeten doen om hun kind goed te begeleiden naar volwassenheid en vooral vragen ze zich af hoe ze hun kind gelukkig kunnen maken en houden.
En ondertussen vragen ze heel veel van hun kind doordat het op alle gebied goed moet gaan.
Die tegenstelling is bijna niet vol te houden voor kinderen.

Misschien moeten ouders zich afvragen wat hun ouderschap voor hen betekent en wat hun kinderen van hen nodig hebben.
Mogelijk is het antwoord dat hun kind een ouder wil en geen begeleider die opvoedtaken vanuit andere rollen op zich neemt?

Welke visie heb jij op ouderschap en opvoederschap?
Deel je je mening hieronder?


Deze blog is gepubliceerd in de weekendbijlage van het Friesch Dagblad van 9 maart 2019.

Spreekt deze blog je aan? Ik vind het een compliment als je deze deelt. Wanneer je deze tekst of gedeeltes daarvan wilt gebruiken, vraag dan even toestemming.

Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Meer artikelen:

Lees ook: Ouderschap is leiderschap
Lees ook: Ouderschap is voor de toekomst
Lees ook: Is het wijs om kinderen te coachen?
Lees ook: Maakt hoogopgeleid gelukkiger?
Bekijk ook: Is uitpraten na een ruzie nuttig?
Bekijk ook: Wat moet je met claimende kinderen?
Bekijk ook: Ruzie tussen ouder en kind

De illustratie is van Aly Westerhuis

Geplaatst in gepubliceerde artikelen, Leerproblemen, Opvoed illusies, Stof tot nadenken | 2 Reacties

Wat is pro-sociaal gedrag en waarom is dit belangrijk?

Kinderen die zich empathisch gedragen en iets voor anderen over hebben, zijn vaak socialer in de groep en hebben meer vriendjes en worden ook aardiger gevonden door anderen.

Wat kunnen en moeten kinderen leren om pro-sociaal gedrag te kunnen vertonen?


Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Geplaatst in filmpjes, Ontwikkeling van kinderen | Een reactie plaatsen

Je dochter als vriendin: 6 redenen waarom niet

De wereld volgens Facebook… Regelmatig zie je het voorbijkomen. Een profielfoto van een moeder met haar kinderen en ook regelmatig een innige foto van puberdochter en moeder. Vooral als er in de tekst bij de foto nog iets staat als mijn beste vriendinnetje dan gaat er bij mij wel iets kriebelen. En als ik lees van meiden die hun moeder hun beste vriendin noemen, wil ik heel hard NEEEE schreeuwen.

Wiens behoefte wordt er vervuld?

Het is een natuurlijke behoefte om een goede band met je kinderen te hebben. Zowel ouders en kinderen willen hier hard hun best voor doen en er is niets verdrietiger dan ruzie binnen het gezin en banden die verbroken (moeten) worden. Mensen hebben daar tot het diepst van hun ziel last van en dit kan een leven lang een zware last zijn.

Waar ouders echter vriendjes met hun kinderen willen zijn, gaat iets mis. Ouders nemen dan niet hun verantwoordelijkheid voor hun kinderen en kinderen worden als het ware naar boven gezogen om maatje te zijn met hun ouder. Je kunt als kind echter niet het maatje van je ouder zijn omdat ouders eindverantwoordelijk zijn voor je opgroeien en je niet zouden moeten lastig vallen met hun levensgebied.

Je merkt vaak aan kinderen die de vriend van hun ouders moeten zijn dat ze minder goede contacten kunnen opbouwen met leeftijdsgenoten. Ze zijn als het ware al bezet en praten ook vaak te wijs voor hun leeftijd waardoor andere kinderen geen aansluiting voelen.

Je ziet dan ook dat het geen primaire behoefte is van kinderen om vriendjes met hun ouder te zijn. Het is meestal de ouder die een diepe behoefte heeft aan dit soort contact met haar kind omdat er een gemis is dat opgevuld wordt door het eigen kind wat het meest loyaal is.

Kinderen hebben zelf behoefte aan ontwikkelen en autonomie, maar zullen zich altijd voegen naar de diepste behoefte van hun ouders.

Redenen waarom je beter niet de vriend van je kind kunt zijn, zijn onder andere:

Je hebt een voorbeeldfunctie als ouder

Als ouder ben je de grote. Dit betekent dat je vanuit je positie het voor het zeggen hebt. Jij beslist over zaken als gezondheid, je maakt de regels, je geeft je kind normen en waarden mee die je belangrijk vindt en je leeft dat alles voor.

Een kind kijkt van zijn ouders af hoe het gaat in de wereld. Hoe ga je met anderen om, hoe kom je op voor je rechten, welke besluiten neem je over zaken die misgaan, hoe behandel je anderen. De lijst is eindeloos en een kind leert van jongs af aan hoe ouders het voorbeeld geven. Kinderen kijken af hoe je omgaat met macht, gezag en respect voor ‘de groten’ in de wereld. En de grote kan de kassière in de supermarkt zijn, de leerkracht, de directeur of de manager van je werk.

Wanneer kinderen op hetzelfde level staan als hun ouders kunnen ze niet waarnemen hoe je omgaat met autoriteit en zullen ze niet of moeilijk leren hoe je omgaat met conflicten bij machtsverschillen.

Immers, als je de vriendin van je moeder bent, leer je niet de afstand bewaren die prettig is in situaties waarin mensen verschillende rollen hebben.

Je kind moet eigen fouten maken

Waar een kind zich vooral richt op de ouder, verdwijnt de individualiteit. Wanneer mama het eng vindt dat dochter met vrienden uitgaat en voorstelt om in plaats daarvan knus naar de film te gaan, kan het voor een dochter moeilijk zijn om een eigen keus te maken. Vooral daar waar ouders een emotioneel beroep doen op hun kind, wordt het lastig voor een kind zich daarvan af te keren.

Wanneer een kind zich voegt naar ouders, levert het de eigenheid in en houdt zich ook letterlijk in. Dit betekent dat er geen of minder ervaringen opgedaan worden en er faalangst en onzekerheid kan ontstaan. Als je niets zelf onderneemt, kun je ook niets fout doen. Je doet hierdoor geen ervaring op en daarmee leer je ook niet te vertrouwen op je eigen kunnen.

Als een kind zich steeds afvraagt of de ouder wel tevreden en blij is, komt het niet meer aan eigen ontdekkingen toe.

Je kunt geen vangnet meer zijn voor je kind

Als je kind foute keuzes maakt door bijvoorbeeld een opleiding te kiezen die toch niet zo past, opgepakt wordt door een domme actie, geschorst wordt door dom gedrag, zijn geld, id-kaart en telefoon kwijtraakt door onvoorzichtigheid, heeft hij een ouder nodig die de leiding neemt.
Deze ouder moppert stevig over de dommigheid, maar het kind weet dat de ouder onvoorwaardelijk steunt.
Er is misschien teleurstelling bij de ouder over wat er misging, maar de ouder blijft emotioneel stabiel, geeft bescherming en het kind weet dat de ouder er altijd zal zijn.
De ouder vraagt geen wederkerigheid in emotionaliteit, geeft de grenzen die er nodig zijn en wijst de weg zodat het kind zelf uit de sores kan komen.

Je kind heeft recht op onwetendheid over het leven van de ouder

Veel kinderen zijn het luisterend oor van hun ouders.
Vooral wanneer ouders gescheiden zijn, is er een groot risico dat ouders hun kind als een soort therapeut gebruiken. Ouders vertellen over hun dilemma’s, over hun zorgen, over hun boosheid en over alles wat hen bezig houdt.

Kinderen kunnen meestal niet ontsnappen aan de emotionele behoefte van hun ouder en dit is erg schadelijk voor kinderen. Met iedere zorg van hun ouder wordt hun kinderwereld teniet gedaan.
Een kind kan alleen maar tekortschieten in deze klemmende situatie.
Daarbij horen kinderen vaak over zaken die hen niet aangaan en die niet bij hun leeftijd passen. Ze horen over intimiteiten waar ze nog te jong voor zijn en ze worden in een loyaliteitsconflict gezogen omdat ze nare dingen horen over hun andere ouder.

Je bent je gezagspositie kwijt

Wanneer je kind uit de band springt, heb je als ouder geen mandaat meer om je kind tot de orde te roepen. Je kind heeft meestal geen respect meer voor je als ouder als het gewend is om als gelijke met je om te gaan. Het wordt erg moeilijk om als ouder grenzen te stellen en ervoor te zorgen dat je kind jouw grenzen respecteert en zich daaraan houdt.

Ruzies over regels en gedrag kunnen niet meer op een gezonde ouder-kind manier gevoerd worden als je vrienden bent.

Je kind hoort zich te schamen voor jou

Het is een gezond teken wanneer je kind jou op een bepaald moment niet meer in de buurt wil hebben. Ze horen zich te schamen voor je kledingkeuze, voor je manier van dansen, voor wat je zegt tegen hun docenten.
Als een kind zich schaamt voor zijn ouder, kan het leren zijn eigen identiteit op te bouwen en zich heerlijk afzetten tegen ouders.
Doet een kind dit niet en ga je samen uit en kies je samen hoe je je wilt kleden en wat je gaat doen, dan kan dat een verloren kans zijn voor het kind op een eigen leefwereld en individualiteit.

Zeker als het gaat over uitgaan en feestjes moeten ouders er niet bij willen zijn. Thuis bepalen ze de regels over het feest en stellen ze de grenzen over wat wel of niet mag.
Wanneer ouders zich als pubers bij de feestjes van hun kind gedragen, zullen de vrienden langzaamaan allemaal verdwijnen. De puber is immers al bezet.

Geen vrienden, wel een goede band

Uiteraard is het heerlijk als de band met je kind goed is. Dat je samen lol kunt hebben, dat je de rots bent in het bestaan van je kind, dat je over steeds meer zaken samen kunt praten, dat je je werelden deelt in betrokkenheid.

vanAls je je kind nodig hebt om je volledig te voelen, om je identiteit te bevestigen als ouder, om je verhaal kwijt te kunnen, om alles te willen weten en te willen beïnvloeden voor je kind, dan neem je meer van je kind dan je geeft.

Wanneer je als ouder de afstand tot je kind natuurlijk kunt houden, voelt je kind zich vrij om steeds de beweging naar je te maken. En dan is zowel de ouder als het kind veilig in de relatie en is het kind op de oude dag in staat om voor de ouder te zorgen als die het echt nodig heeft.

Er is dan zoveel reserve opgebouwd aan wat er te geven is, waardoor het kind dan kan teruggeven.

Als er veel genomen is, is de beker van het kind leeg en kan die op de oude dag van de ouder niet meer terug geven.

En vraag je je af hoe het zit bij jou en je kinderen?
Bedenk dan eens wat je als kind aan je ouders hebt gegeven voor het vervullen van hun behoeftes. En wat vraag je van je eigen kinderen? Wat vertel je ze? Welke verwachtingen dring je ze op?

En als je naar je profielfoto op facebook kijkt.
Wat zie je dan?
Wie ben jij als ouder?
Hoe vrij van jou mogen of kunnen je kinderen zijn?
Wat heb je van ze nodig?

Ik ben benieuwd naar jouw mening….


Spreekt deze blog je aan? Ik vind het een compliment als je deze deelt. Wanneer je deze tekst of gedeeltes daarvan wilt gebruiken, vraag dan even toestemming.

Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Meer artikelen:

Lees ook: Ouderschap is leiderschap
Lees ook: Ouderschap is voor de toekomst
Lees ook: Is het wijs om kinderen te coachen?
Lees ook: Wie heeft de regie in huis?
Bekijk ook: Is uitpraten na een ruzie nuttig?
Bekijk ook: Wat moet je met claimende kinderen?
Bekijk ook: Ruzie tussen ouder en kind

De illustratie is van Aly Westerhuis

Geplaatst in Echtscheiding, Gezinszaken, Ontwikkeling van kinderen, Opvoeden in deze tijd, Stof tot nadenken | Een reactie plaatsen

2 manieren om een goed compliment te geven

Een goed compliment geven valt nog niet mee.
Immers je wilt wel dat het compliment aangenomen wordt, binnenkomt bij de ander en ook nog effect heeft.

Complimenten zijn belangrijk want ze geven veel zelfvertrouwen en zorgen ervoor dat er een goed gevoel over het eigen functioneren ontstaat.

Kinderen overladen we vaak met complimenten zonder dat we in de gaten hebben wat we zeggen en welk effect het heeft.

Er zijn 2 mooie manieren om een compliment te geven waarvan je heel zeker weet dat het aankomt en effect heeft.

Kijk maar welke manieren het zijn en het is heel eenvoudig om hiermee te oefenen.


Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Geplaatst in filmpjes, Opvoedtips, Wist je dat? | Een reactie plaatsen

Waarom stoppen pubers niet met schoppen?

Het was weer raak de afgelopen tijd. Filmpjes met trappende pubers en een klassenassistent die een puber letterlijk in zijn nekvel greep en daarop ontslagen werd.

Wat is er toch aan de hand met pubers dat ze niet alleen excessief geweld gebruiken, maar het ook nog filmen? En dat we er massaal naar kijken en tssss roepen en verontwaardigd reageren, maar geen antwoord hebben op pubergedrag wat buitensporig is.

Ontwikkeling van kinderen

Kinderen ontwikkelen zich binnen een paar jaar van behoeftig wezen tot een zelfstandig en sociaal wezen. Zij leren dat er een verschil is tussen ik en jij. Het eigen lichaam is de grens tussen mij en de ander en ik en de omgeving.

Vanaf de peuterleeftijd ontwikkelt zich ook het geweten en gevoelens van empathie.
Vanaf een jaar of 9 kun je van kinderen verwachten dat ze weten hoe het hoort en dat ze weten wat mag en wat niet mag in relatie tot een ander en de omgeving.
Kinderen kunnen dan goed invoelen hoe iets voor een ander is en wat je eigen gedrag kan oproepen bij een ander. Daarnaast kunnen ze begripvol en empathisch reageren als iemand iets ergs overkomt.

Tijdens de puberteit zijn de hersenen zodanig in ontwikkeling dat pubers risico’s anders inschatten en meer impulsief reageren. Echter, hun geweten is nog verder ontwikkeld en ook hebben ze al meer ervaring met invoelingsvermogen en begripvol reageren.

Opvoedvisie over geweld en omgaan met elkaar

Iedere ouder wil zijn kind goed opvoeden en wil geen puber hebben die de boel op stelten zet. We leren onze kinderen lief te zijn voor elkaar en zich netjes te gedragen.
Geweld willen we niet en ook moet het woordgebruik een beetje netjes zijn.
We willen graag de vriend van onze kinderen zijn en behandelen onze kinderen als gelijken.
Vooral op school willen we voorkomen dat kinderen gekrenkt en geplaagd worden en al snel staan ouders bij de juf of meester wanneer hun kind door andere kinderen uitgedaagd wordt.

Over stoeien en schelden

Stoei partijtjes worden vaak snel in de kiem gesmoord en lelijk taalgebruik moet uitgebannen vinden we.
Wanneer kinderen al jong niet mogen stoeien en elkaar de maat nemen met uitdagend gedrag, is er ook geen kans om weerbaar te leren worden en grenzen te leren.
Door te stoeien en elkaar uit te dagen door elkaar lelijke woorden toe te roepen, leren kinderen met hun lijf grenzen kennen. Ze zien en merken zelf ook dat duwen en schoppen pijn kan doen en dat schelden kwetsend kan zijn.

Wanneer kinderen nog jong zijn, kunnen we ze begeleiden en sturen doordat we aanwezig zijn en toezicht houden. Kinderen leren dan letterlijk hun grenzen kennen en kunnen ervaren waar en wanneer het pijn doet.

Als je puber bent en je staat onder druk van de groep en je hebt geen idee wat grenzen zijn, wat pijn doet en wat nog wel en niet kan, dan heb je wellicht onder invloed van de groep geen idee wat er gebeurt als iemand geschopt wordt.
Dan is er niemand die kan voelen dat het echt heel fout is wat er gebeurt.
Dan is er niemand van de pubers die op de rem trapt en ‘kappen nou’ roept.

Als je puber bent en de gelijke van je ouders en je bent het niet eens met je leraar dan kun je al snel vervallen in het tot de orde roepen van je leraar.
Immers dat mag thuis ook?

Omgaan met puber gedrag

Pubers hebben als belangrijkste taak hun eigen identiteit op te bouwen, autonomie te leren en zelf verantwoordelijk te leren zijn voor hun handelen.
Die ontwikkeling gaat in horten en stoten bij veel pubers.
Wat ouders, mentoren en leraren mogen doen is de puber ondersteunen bij deze ontwikkeling en daartoe moeten ze de puber uitdagen.

Juist wanneer pubers uit de bocht vliegen, moeten we ze stevig omarmen en hen uitdagen tot zelf nadenken: Wat is er gebeurd en vind je het in orde wat je eigen rol is geweest?
Op die manier kunnen we pubers helpen om hun mening te vormen en hen de kans geven hun gedrag te veranderen.

Uiteraard zal de puber het meestal niet met ons eens zijn. Zeker niet wanneer er ontoelaatbare zaken zijn gebeurd. De gemiddelde mens en de meeste pubers zullen dan de schuld buiten zichzelf neerleggen.

Macht of gezag?

De valkuil is om met machtsmiddelen pubers in het gareel te houden. Helaas, dat werkt niet meer in deze tijd. We moeten als volwassenen veel meer dan vroeger het gezag op persoonlijke titel verdienen in plaats van op functie of positie.

Wanneer pubers ons uitdagen moeten we hen juist met respect en vertrouwen benaderen en het vertrouwen geven zodat ze het ook kunnen leren verdienen.

Als we werken met pubers is het juist van groot belang om hen grenzen en vertrouwen te geven. Zij zullen de grenzen alleen respecteren als we naar hen luisteren en hen serieus nemen.

Negatief gedrag begeleiden

Juist waar pubers ontoelaatbaar gedrag laten zien, is het belangrijk scherp te zijn. Er is altijd een reden voor negatief gedrag en wij hebben de taak om hen te helpen zich beter te uiten en hen meer helpend gedrag te laten leren.

Pubers geven zich niet zomaar gewonnen en hebben al jaren geoefend in hun gedrag en hebben er een gewoonte van gemaakt om hun onvrede en gevoelens van onzekerheid, angst en boosheid op een nare manier te uiten.
Wij krijgen te maken met dat nare gedrag en willen dat corrigeren. De kans is echter zeer groot dat de betreffende puber geen betere manier heeft geleerd om zijn ongenoegen te uiten dan hij doet.

Dit betekent dat we juist bij negatief gedrag altijd een laagje verder moeten kijken en de puber moeten helpen zich positiever op te stellen.

Wanneer ze je raken

Maaaaaarrrrr………. Pubers dagen uit en kennen je zwakke plek en vanuit hun eigen zich niet oké voelen, zullen ze naadloos en haarfijn weten op welke knoppen ze bij jou moeten drukken.
Dit doen ze bij elkaar, bij hun ouders, mentoren en leraren. Niet om de ander bewust pijn te doen, maar vanuit een impuls.

Dit betekent dat de ander geraakt wordt en vanuit dat gevoel zal reageren volgens het eigen patroon wat geleerd is als je bang, boos of verdrietig bent. Met andere woorden: De eigen onmacht

En zie daar, de oorlog tussen de kleine en de grote of tussen pubers onderling. De machtsstrijd die nu ontstaat zal een verliezer en een winnaar hebben.

Wat is wijsheid?

Wanneer we geraakt worden door een puber doordat deze ons letterlijk en figuurlijk van alles naar ons hoofd smijt, is het onze plicht om te reageren vanuit onze positie. Wij zijn de volwassene en de grote en de puber heeft recht op een respectvolle benadering.
Ook als hij over de grens gaat.

Uiteraard betekent dit niet dat je niet boos mag zijn, je gekwetst mag voelen en dat het de puber geoorloofd is alles maar te doen wat in zijn puberhersenen kortsluiting maakt.
Zeer zeker niet.

Het betekent dat de puber zich later zal moeten verantwoorden en de consequenties van zijn gedrag moet aanvaarden. Niet door hoge straffen, maar wel door samen in orde te maken wat er stuk is gegaan.
En wij hebben de taak de puber daarin te begeleiden. Dat kan door eerst begrip te hebben voor de aanleiding voor het gedrag bij de puber en daarna te helpen om begrip te hebben voor zijn omgeving en hem te helpen in dit soort situaties ander gedrag te leren.
Zelf moeten we groots kunnen zijn met excuses waardoor we voorbeeldgedrag laten zien.

En niemand zegt dat het gemakkelijk is.

Vooral de moeilijkste pubers hebben recht op onze leiding en begeleiding. Vrijwel nooit willen ze ons moedwillig kwetsen en pijn doen, maar ze kennen geen andere optie om hun ongenoegen te laten blijken.
En ook en vooral de medeleerlingen, mentoren, klassenassistenten en leraren hebben onze steun nodig om hun gezagspositie op een eerlijke manier uit te voeren.
Dat betekent vooral steun van ouders en directie van een school want ook hier geldt: De grote steunt de kleine…

Gewetensvraag

We willen veiligheid voor alle kinderen en veroordelen hard en scherp de daders die elkaar molesteren en de klassenassistent die een leerling hard aanpakt geven we massaal steunbetuigingen.

En als we eens eerlijk zelfonderzoek doen, hoe beantwoorden we dan de gewetensvragen?

Als we het goed vinden dat leraren kinderen met geweld aanpakken, willen we ons kind dan naar een dergelijke school sturen?

Zou het kunnen dat ons kind zich ook kan aansluiten bij de filmers in plaats van de geweldenaren te stoppen?

Zou het kunnen dat door onze visie over vermijding van pijn en conflicten waardoor onze kinderen minder weerbaar zijn, minder grenzen voelen en geen gezag meer hebben voor meerderen, kinderen niet meer kunnen stoppen met schoppen en treiteren omdat ze die natuurlijke grenzen niet of minder goed geleerd hebben?
En dat we daarom allemaal op onze eigen manier ook een beetje schuldig zijn aan de excessen van pubers onderling en gedoe met leraren?

Met elkaar maken we een veilig klimaat.
Laten we daarom eerst zelf ook even onderzoeken wat wijsheid is en vooral bedenken wat we zelf onze kinderen meegeven en hoe snel wij zelf ook van de ene naar de andere kant kunnen komen.

En laten we vooral onze verantwoordelijkheid nemen voor het welzijn van alle kinderen en met name zachtheid geven aan moeilijke pubers.

Ik ben heel benieuwd hoe jij erover denkt… Je mag hieronder reageren.


Spreekt deze blog je aan? Ik vind het een compliment als je deze deelt. Wanneer je deze tekst of gedeeltes daarvan wilt gebruiken, vraag dan even toestemming.

Wil je weten hoe ik werk met ouders en kinderen, of wil je meer lezen over de training Ik leer leren? Like dan nu mijn facebookpagina om iedere dag te lezen en kijken over alles wat met kinderen heeft te maken. Kijk of ik iets voor je kan betekenen om met kinderen en hun ouders te werken op mijn website van de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach

Meer artikelen:

Lees ook: Puberteit: Drama of genieten?
Lees ook: Kun je pubers loslaten?
Lees ook: Waarom zijn belonen en straffen waardeloze machtsmiddelen?
Lees ook: Wie ruimt jouw rotzooi op?
Bekijk ook: Kun je afspraken maken met boze kinderen?
Bekijk ook:  Hoe benader je negatief gedrag op een positieve manier?
Bekijk ook: Hoe leer je tegen je verlies te kunnen?

De illustratie is van Bianca Snip

Geplaatst in Ontwikkeling van kinderen, Opvoeden in deze tijd, Pesten, Pubers, Stof tot nadenken | 15 Reacties